EERSTE ZONDAG VAN DE ADVENT B

Evangelie (Mc., 13, 33-37)

In die tijd zei Jezus tot zijn leerlingen: Kijk uit, wees waakzaam. Want je weet niet wanneer het moment daar is. Het is als met iemand die naar het buitenland is, zijn huis

verlangend uitzien naar

heeft achtergelaten en het beheer heeft overgedragen aan zijn knechten, ieder zijn eigen taak, en aan de poortwachter heeft opgedragen om waakzaam te zijn. Wees dus waakzaam, want je weet niet wanneer de heer des huizes komt, ’s avonds laat of midden in de nacht of bij het kraaien van de haan of bij het eerste ochtendlicht,  zodat hij niet onverwacht komt en jullie in slaap vindt. Wat Ik jullie zeg, zeg Ik tegen iedereen: wees waakzaam.’

Evangelielied: Naar u gaat mijn verlangen Heer. Psalm 25 I

Overweging

Dierbare allemaal,  

Enkele jarengeleden was ik in een parochie

om met enkele mensen de komende kerstviering voor te bereiden.

Het waren toevallig enkele vrouwen, die in de liturgiegroep zaten.

Kerstmis, wat is dat, vroegen we ons af.

Waar kijken we naar uit? Wie of wat verwachten we?

Toen vroeg ik aan die drie vrouwen:

Hoe was het voor jou, toen je in verwachting was?

Nou, dat was een schot in de roos.

Een vrouw zei:

‘Ik ben veel langer dan negen maanden in verwachting geweest.

We hebben een kindje aangenomen uit Brazilië.

Maar wat duurde dat lang, van loket naar loket,

van instantie naar instantie.

Maar uiteindelijk kwam het dan. O zo lang verwacht’.

Een andere vrouw was moeder geworden

na een heel bewust doorleefde zwangerschap.

Met misselijkheid, met voelen van hoe het kindje in haar schoot groeide,

met nieuwsgierigheid hoe het er wel zou uit zien.

Een lange adventstijd. Maar o zo waardevol.

De derde vrouw had samen met haar man,
na vele jaren onderzoeken,

hun kindje op kunstmatige wijze gekregen.
Hoe vaak was het mis gegaan,

met zoveel onzekerheid, zoveel spanning.
Uiteindelijk konden ze hun kindje in de armen nemen.
Wat een tijd van waakzaam wachten.

Iedere moeder zal een eigen verhaal te vertellen hebben.

Soms mooi, soms ook verdrietig.

We zouden het aan de moeders hier kunnen vragen.

Doe het straks maar eens, als u met uw moeder samen bent.
Of als u, als moeder, met uw kinderen samen bent
en dan vertelt hoe u hen gedragen en gebaard hebt.
Hoe er naar dat kind werd uitgezien.

Verwachten, uitzien naar..
Doe je dat nog, als je hier in Park Zuiderhout woont?
Als het arbeidzaam leven achter je ligt.

Is dan de blik niet meer naar het verleden gericht
en minder naar de toekomst?

Je toekomst ligt niet meer zo open, als bij jongeren en kinderen.

Misschien is dat verwachten meer gericht op de dingen dichtbij.

Kleine dingen, waar je op wacht of hoopt, bijvoorbeeld:

of iemand je komt bezoeken;
of er een telefoontje van een dochter komt

of de TV een goed programma biedt

Daar kun je naar uitzien.

Sommige mensen houden het wel voor gezien.

Het hoeft allemaal niet meer.

De toekomst is een groot zwart gat.
En daar kan alle reden voor zijn:

-als je bang bent voor ziekte, lijden, doodgaan.

-al er veel teleurstelling is geweest in je leven.

-als je zware tegenslagen hebt doorgemaak

-als je alleen achterblijft.

Wat kan de toekomst dan nog brengen?

Mag ik u dan toch een woord van bemoediging meegeven?

Niet als goedkope troost, want daar heb je niks aan.

Maar een woord van:  gedragen worden door God.

We hoorden het in de eerste lezing de profeet zeggen:

“U bent onze Vader.

Wij zijn de leem, U bent de boetseerder,

wij zijn allen het werk van uw hand”.

Hoe het verleden ook is geweest, gelukkig of droevig,

hoe het heden er ook uit ziet, gelukkig of droevig,

de toekomst is niet zomaar gelukkig of droevig.

We zijn in Gods hand.

We mogen uitzien naar Nieuw Leven met Kerstmis.

Meer nog: we mogen uitzien naar Hem, die op mij wacht.

We komen terecht in de handen van een liefdevolle God,

die met open armen staat te wachten.

Ja, God in verwachting!

Hij schept een nieuwe hemel en een nieuwe aarde.

Hij laat zijn Rijk hier komen op deze wereld, in ons, door ons.

Zou dat ook óns afwachten in deze adventstijd zijn?

Uitzien naar die toekomst?

We zongen zo juist na het evangelie:  

“Naar U gaat mijn verlangen Heer,

Heer mijn God, ik ben zeker van U”.

Laat die melodie vandaag nog wat doorklinken in onze herinnering.

Ik wil graag eindigen met het gedicht:  TOEKOMST VERWACHTEN

Verwachting geeft spanning aan het leven.

Wie niets meer verwacht

is als een boog zonder koord.

Verwachting ligt in ’t leven zelf.

De lente verwacht de bloesems,

de zomer verwacht de oogst,

de herfst verwacht de kleuren,

de winter verwacht het nieuwe leven.

Verwachting is meer dan een wensdroom,

er zit een stuk zekerheid in.

Een moeder in verwachting

draagt in zich het mysterie van het leven,

maar zij rekent op een geboorte.

Zo roept de Advent voor ons Kerstmis op,

de geboorte, niet vanuit een hoge hemel

maar van God tussen zijn mensen,

zoals zijn naam zegt: Emmanuel, God met ons!

 

-Pater Kees Maas, SVD-

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

call Svd Holland