Hemelvaart 2020

Evangelie: Mat. 28: 16-20

In die tijd begaven de elf leerlingen zich naar Galilea, naar de berg die Jezus hun aangewezen had. Toen zij Hem zagen, wierpen ze zich in aanbidding neer; sommigen echter twijfelden. Jezus trad nader en sprak tot hen: “Mij is alle macht gegeven in de hemel en op aarde. Gaat dus en maakt alle volkeren tot mijn leerlingen en doopt hen in de naam van de Vader en de Zoon en de heilige Geest en leert hun te onderhouden alles wat Ik u bevolen heb. Ziet, Ik ben met u alle dagen tot aan de voleinding der wereld.”  

Acclamatie:  GvL 262

God heeft Hem hoog verheven

en Hem de Naam verleend

die boven alle namen is: 

Jezus Christus de Heer

Homilie:

Mijn dierbaren,

Hemelvaart. Wat betekent dit feest voor ons?
Het was vroeger (vóór het coronavirus)
een dag van dauwtrappen, van vele evenementen.

Dat kan het dit jaar niet zijn.

Maar welke betekenis heeft deze dag eigenlijk?

Zelf zie ik Hemelvaart allereerst als een vorm van loslaten.

Loslaten van het bekende, het gewone, het veilige.

Jezus verdwijnt uit het leven van zijn leerlingen.

Drie jaar lang is hij met hen opgetrokken

en later, na de verrijzenis 

is hij nog verschillende keren verschenen.

Dat is nu definitief voorbij.

Een nieuwe situatie komt er voor hen.

Ze voelen zich ontheemd.

Als Hij uit hun ogen verdwijnt
blijven ze hem nastaren,

alsof ze Hem vasthouden.

Maar er komt een nieuwe fase in hun leven,
die nieuw en vreemd is.

Daarom zullen ze zich eerst opsluiten, in hun verdriet

tot later de Geest over hen komt.

De engelen zeggen het tegen de leerlingen:

‘blijf niet omhoog staren’.

Nu begint hun opdracht:

om getuigen te zijn van Jezus, 

om zijn zending voort te zetten;

namelijk om dat Rijk van God dichterbij mensen te brengen.

Hij belooft hen: de kracht uit de hemel, de Geest.

Als wij kijken naar het leven van Jezus’ leerlingen

hebben zij telkens te maken met een crisis.
Als jonge rabbi wilde Hij de mensen de weg wijzen

naar het geluk, de weg van ‘om elkaar geven’.
Daar had Hij alles voor over. 

Maar het wordt een crisis als blijkt, 

dat Jezus’ zending een fiasco blijkt te worden:

Hij wordt gearresteerd, vermoord.

Een grotere crisis kun je je haast niet voorstellen.

In die onmogelijke crisis zitten Jezus’ eerlingen.

Alle idealen die zij hadden, zijn de grond in geboord.

Ze zijn zwaar teleurgesteld, zowel in die Jezus,

op wie ze al hun kaarten hadden gezet,

alsook in hen zelf; 

ze hebben hem immers allemaal in de steek gelaten.

En daarom: einde verhaal. Finito. 

Maar deze crisis blijkt niet het einde te zijn.

Er komt een nieuw begin.

De doodgewaande Jezus wordt de verrezen Heer, de Christus.

De man van Nazareth is niet kapot te krijgen.

Er komt een nieuw begin, 

alleen heel anders dan ze zich hadden voorgesteld.

In de eerste lezing hopen ze toch nog,

dat hij een sterk aards rijk gaat vestigen.

Ze  denken nog steeds in structuren van macht.

Het zal de Geest zijn, 

die hen op Pinksteren tot een nieuwe inzicht brengt.

Dat het gaat om een rijk van vrede en gerechtigheid.

Daar waar mensen echt om elkaar geven

en waar voor iedereen plaats is, wie je ook bent.

Dan gaan ze ook aan den lijve ervaren, dat het nu hun opdracht is,

om Jezus’ zending verder uit te dragen.

Niemand begrijpt het, alleen degenen die de Geest krijgen

en er oor open staan.

Ook onze huidige situatie heeft veel weg van zo’n crisis.
We weten niet goed hoe het nu verder moet.
Waarschijnlijk moeten we veel van vroeger loslaten.
Een stuk welvaart, bewegingsvrijheid, vakanties…

Een crisis van je welste.

Maar kan dat niet juist een vruchtbare tijd worden?

De tijd van een nieuw begin?

Zo’n crisis kan er ook zijn in ons persoonlijke leven.

Als je gezondheid achteruit gaat,

als je je ideaal van vroeger niet meer kunt uitleven,
als kinderen heel andere keuzen maken,

als je partner je ontvallen is,

als de avond van je leven eenzaam is;

en dan vraag je je af: Hoe moet het nu verder?

Heeft de toekomst nog zin?

We lezen, dat de leerlingen samenkwamen om te bidden.

Naar het woord van Jezus:

‘Blijf in de stad,

totdat gij uit de hoge met kracht zult zijn toegerust.’

Ze waren bang voor de toekomst, bang voor de buitenwereld.

Moesten zij nu de nieuwe leiders zijn van het volk Gods?

Ja, juist zij werden daartoe gekozen. 

Onze tijd heeft mensen nodig, 

die de toekomst opnieuw gaan invullen.
Die ook in onze kerk, in  ons leven nieuwe wegen durven te gaan,

vertrouwend op de belofte van Jezus.

Vandaag begint de voorbereiding op Pinksteren.

Juist in deze tijd van crisis
mogen wij de kracht van de Geest verwachten.
Ons er voor open stellen. Hoe mooi toch.

En wij mogen bidden:

“Kom heilige Geest, 

vervul de harten van ons uw gelovige

en ontsteek in ons het vuur van uw liefde.

Zend uw geest uit en alles zal worden herschapen

en Gij zult het aanschijn der aarde vernieuwen.” 

Moge de Geest, de Trooster,  ons in deze dagen nabij zijn.

Zodat we vervuld mogen worden van die Geest.

Amen.

-Pater Kees Maas, SVD-

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

call Svd Holland