IN MEMORIAM: P.Henk Nordermeer

In de avond van 1 juni 2017 is in het Missiehuis St. Franciscus Xaverius te Teteringen PATER HENK NOORDERMEER S.V.D. op 79-jarige leeftijd overleden. Op vrijdag 9 juni 2017 zullen we afscheid van hem nemen met een plechtige eucharistieviering. Deze wordt gehouden om 14.30 uur in de kapel van “Park Zuiderhout”, Arnold Janssenlaan 46. Daarna leggen we hem ter ruste op het kerkhof.

Henk wordt geboren in Leimuiden op 28 maart 1938, in een gezin van 11 kinderen, 5 jongens en 6 meisjes, waarvan Henk het derde kind en de oudste jongen is. Zijn ouders zijn Petrus Bernardus Noordermeer en Hertha Clara Hildegard Klein. Hij wordt daags daarna gedoopt in de Johannes de Doperkerk aldaar. Over zijn jeugd vertelt hij dat hij in de leeftijd van 9 tot 12 jaar elke dag samen met zijn vader 7 koeien gaat melken. Vader is vee verloskundige en castreur. Henk gaat graag met hem mee: kippen inenten, biggen castreren enz. Dat doet hij ook later tijdens zijn vakanties vanuit het seminarie.

Als hij 12 jaar oud is, gaat hij naar St. Jan in Soesterberg om er missionaris te worden: een traject van ruim 12 jaar. Het gaat niet vanzelf. Hij zegt van zichzelf dat hij nogal getwijfeld heeft in de tijd van zijn opleiding. In de tweede klas is hij een twijfelgeval; in de vierde klas wil hij zelf weggaan, zijn koffer is al gepakt; Cor Jooren praat op hem in en haalt hem over te blijven. Tijdens de retraite voor de inkleding slaat de twijfel weer toe. Als hij vóór de priesterwijding te horen krijgt dat hij benoemd zal worden voor verdere studies in Rome, geeft hij uitdrukkelijk te kennen dat hij dat niet wil/ kan. Het gebeurt dan ook niet. Henk is geen studax, hij wil gewoon aan het werk.

Henk heeft een bijzondere manier van studeren. Hij kan het beste studeren als hij onderwijl rozenkransen maakt. Een automatische handeling, die in de loop der jaren duizenden rozenkransen heeft opgeleverd. Zo zie ik hem nog steeds voor me, met zijn rozenkrans tangetje en kralen rijgend aan de draad.

In het noviciaat is hij degene, die met zijn optreden een avondvullend programma verzorgt, waar we samen met de goochelende magister pater Piet Lardenoye van genieten.
Kenmerkend voor Henk is ook zijn bemoeienis met het zwembad. Ooit hebben in een vorige generatie de fraters in Teteringen gewerkt aan de vijver; deze zou later bekendheid krijgen vanwege het feit dat prinses Juliana er een keer in heeft gezwommen. Begin 60-er jaren neemt Henk het initiatief om naast die vijver een echt zwembad te maken, voorzien van een zuiveringsinstallatie. Samen met medebroeders brengt hij daar vele uren door met graven en sjouwen. Eindeloos. Het zwembad is er nog altijd, zij het als vergane glorie.

Op 3 februari 1963 wordt Henk, samen met 9 andere klasgenoten, door Mgr. G. de Vet tot priester gewijd. Drie Vlaamse klasgenoten worden in Overijse, België, gewijd. Na een extra pastoraal jaar in Washington vertrekt hij naar Ghana. Hij krijgt eerst 6 maanden om de taal te leren en daarna 6 maanden om zich in te werken, totdat de definitieve benoeming komt. Maar de eerste 2 maanden daarvan zit hij moederziel alleen. Hij komt dan terecht in Nkawkaw, de hoofdstatie, bij een Amerikaanse medebroeder, Aloysius Turbek, waar hij het goed mee kan vinden. Dat worden drie mooie jaren. Vanuit de hoofdstatie is hij bijna de hele week op pad. Komt donderdag even thuis voor de correspondentie en eventueel het uitbetalen van de onderwijzers en gaat dan weer op pad.

Wat zijn naam betreft: ‘Henk’ wordt in Amerika een soort ‘Haank’; en ‘Henry’ wordt gauw verbasterd tot ‘Angry’, of tot ‘Hundred’…. In Ghana laat hij zich graag ‘Kodzo’ noemen (d.w.z. op maandag geboren).

Als hij in 1969 op verlof komt is hij flink ziek: geelzucht, dysenterie enz. Hij verblijft in het Sint Franciscus Gasthuis te Rotterdam, op de zogenaamde Rimboe, waar missionarissen worden behandeld door Dr. J. ten Berg (voor velen een bekende figuur). Als hij in 1970 teruggaat, kan hij niet terug naar zijn oude plaats, ofschoon hem dat wel beloofd is. Dat geeft moeilijkheden met de bisschop. Als deze wordt overgeplaatst, komt er een Ghanese bisschop voor in de plaats, waar men blij mee is. Henk moet nog kalm aan doen en komt dan terecht in Akim Oda. Daar krijgt hij een van de twee eerste Ghanese priesters als kapelaan, Francis Ankrah. Als de buurtpastoor verplaatst wordt, krijgen ze er van de bisschop nog een hoofdstatie bij met 10 buitenstaties. Daar slaat Henk ook aan het boeren. Het bloed kruipt waar het niet gaan kan. Met 20 arbeiders gaat hij 10 ha grond ontginnen voor de productie van maniok, mais, cocoayam en gaat hij kippen fokken. Het is zijn manier om de mensen vooruit te helpen in hun ontwikkeling. Na zijn verlof in 1973 wordt hij door de bisschop benoemd voor Akwatia, waar hij zijn handen weer vol aan heeft.

Vanaf oktober 1981 is Henk in Asamankese; hij krijgt er een Filipino als kapelaan bij. Ze verzorgen ook nog 14 buitenstaties. Deze komt net op tijd voor de Goede Week. Hij schrijft: “Onze Parochieraad en Liturgisch comité heeft geweldig veel werk verzet om het hele Goede Week gebeuren zoveel mogelijk aan te passen aan de plaatselijke tradities en gewoontes. Dat viel niet mee en vooral van sommige oudere katholieken kregen ze nogal kritiek, maar over het algemeen verliep alles goed en was vooral de deelname van de mensen een succes”.

Samen met de drie eerste jaren, zijn ook de jaren 1984-1990 voor hem de mooiste jaren van zijn missionarisleven.
Henk heeft bijna als enige van de missionarissen de lokale taal Twi geleerd. Samen met een hoofdonderwijzer heeft hij vijf bundels liederen in Twi uitgegeven, die op veel plaatsen worden gezongen. Een bijzondere bijdrage voor de inculturatie van de liturgie.

Henk, de rondtrekkende missionaris, krijgt op 1 juni 1990 zomaar een bestuursfunctie, als assistent-provinciaal van de Ghana/Togo/Benin Provincie. Hij moet daarvoor naar de hoofdstad Accra verhuizen, terwijl hij volgens eigen zeggen helemaal geen stadsmens is. De provincie telt dan 160 leden, waarvan ongeveer een derde uit het eigen land komt. Hij schrijft er over in een van zijn rondzendbrieven: “Voor mij is het leven er niet eenvoudiger op geworden De provinciaal heeft verlof gekregen om zijn studies in Washington af te maken. Hij komt waarschijnlijk pas half maart terug en dus zit ik nu met de gebakken peren. En dat zijn er heel wat!!” Deze functie ligt hem helemaal niet. Hij is dan ook blij, als die tijd voorbij is.

Henk is geen brievenschrijver. Wat we in het archief van hem vinden zijn vooral zakenbrieven met de missieprocuur in Teteringen: met Alex Dunk en Jan Laan. Met andere post is hij niet scheutig. Soms komt er een rondzendbrief, alles bij elkaar 4 stuks. Vanaf 1993 tot 2007 is er, op één rondzendbrief na, geen enkele brief in het archief te vinden…

Wat zijn gezondheid aangaat, heeft hij het niet getroffen. Al tijdens zijn eerste verlof moet hij echt in de revisie. Ook bij latere vakanties in Nederland is hij een klant van dokter en ziekenhuizen. Zoals in december 1998, als hij totaal verzwakt na vier zware malaria aanvallen terugkomt en tot september 1999 in het ziekenhuis te Breda, in het Missiehuis te Teteringen en bij zijn zus en zwager in Hazerswoude-Dorp verblijft. Daar maakt hij mee dat zijn zus Erna bij een verkeersongeluk omkomt. Een vreselijke ervaring. Als hij dan terugkomt in Ghana, neemt hij zijn intrek in het rest and retirement home in McCarthy. Vandaaruit verblijft hij regelmatig in het Aquantiaziekenhuis for care and cure. Zuster Lucaris is als een tweede moeder voor hem. Sinds 1999 heeft hij nog een kleine parochie Obom geheten; een eenvoudige kerk en pastorie, met ernaast … een klein zwembad. In 2015 is Henk weer hier vanwege slecht functionerende nieren. Een en ander blijkt het gevolg te zijn van een overvloed aan medicijnen. Ofschoon hij de raad krijgt, ook vanuit Ghana, om maar beter in Nederland te blijven, kiest hij er toch voor om terug te gaan. Lang duurt dat niet.

In april 2016 komt Henk weer naar Nederland, met een kwaadaardige ziekte: hij heeft een al ver gaande huidkanker. Hij hoopt hier behandeld te kunnen worden, zodat hij daarna weer terug kan naar Ghana. Hij heeft een retourticket!! Maar er is niet veel meer aan te doen. Hij krijgt dan de kans om een immuunkuur te volgen, tot 40 maal toe. Dat geeft hem weer wat hoop, omdat de kuur aanvankelijk aanslaat. Totdat de oncoloog hem op een dag vertelt dat hij afscheid van hem neemt en overdraagt aan de zorgen van de huisarts, dokter van Walsum. Dan weet hij definitief dat er geen genezing meer mogelijk is. Wonderlijk is, hoe Henk deze tegenslag verwerkt. Het is of er een hele omwenteling gebeurt in zijn houding. Was Henk eerst erg gefixeerd op zijn gezondheid, nu noemt hij de tijd die komen gaat een ‘tijd van genade’ In zijn gesprekken met zijn bezoekers, veelal medebroeders, praat hij heel persoonlijk over zichzelf. Hij stelt zich heel kwetsbaar op. Is zelfs in staat om vergeving te vragen, waar hij fout is geweest. Hij zegt letterlijk: “Ik wilde helemaal Ghanees worden, maar ben daarin te ver gegaan. Heb er mensen mee pijn gedaan. Hoop dat God goed voor me is”. Heel bijzonder.

Vanaf 22 mei is er een bezoekersrooster: elk half uur kan iemand binnen lopen, zodat hij geen lange tijd alleen is. De dokter denkt er nog aan, om hem te laten opnemen in een hospice, omdat de zorg te zwaar wordt. Enkele dagen later komt er verandering in. Henk komt niet meer van zijn bed af. Dat maakt de zorg eenvoudiger; we zijn er blij mee, want het is jammer als iemand niet ‘thuis’ kan blijven en dan buiten geplaatst moet worden. We willen hem graag bij ons houden.

De pijn is soms erg heftig, maar goede pijnstillers vangen dat grotendeels op. En ondanks zijn ziekte, kan hij zomaar zeggen: ‘ik voel me gelukkig.’ Op zondag 28 mei ontvangt Henk, te midden van een 20-tal medebroeders het sacrament van de zieken. Hij maakt het heel bewust mee; zingt mee, bidt zelf nog een mooie tekst en dankt iedereen die er bij aanwezig is. Een indrukwekkende viering.

Dinsdag 30 mei rond 12.00 uur heeft dokter van Walsum een gesprek met Henk en stelt hem voor hem palliatieve zorg te geven, zodat hij in slaap raakt en geen pijn meer heeft. Want de kanker slaat genadeloos toe. Dat gebeurt rond 15.30 uur. Naar alle waarschijnlijkheid zal hij blijven slapen tot hij voorgoed inslaapt. Petra praat nog even met hem tot hij in slaap valt. Zij heeft het hele traject van zijn therapie tot nu toe met hem afgelegd. Toch duurt het nog twee volle dagen voor Henk zacht inslaapt, zonder pijn en zonder onrust. In de avond van 1 juni gaat hij de poort door en wacht hem een ‘Grote Liefde’. Zijn taak is volbracht.

Teteringen, 2 juni 2017

Kees Maas SVD

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

call Svd Holland